In de Bomentuin staan een aantal bomen en hun bijzondere eigenschappen en verhalen centraal. De band tussen mensen en bomen bestaat al sinds de oertijd. Onze voorouders zochten beschutting bij bomen, aten van hun vruchten en noten, en gebruikten het hout om voorwerpen en bouwsels van te maken.
Veel volkeren en culturen hebben wel een heilige boom. Volgens Germaanse en Keltische mythologieën werden mensen geschapen uit bomen. Ook in veel religieuze verhalen en volkssagen spelen bomen een belangrijke rol.
Bomen kunnen duizenden jaren oud worden. Ze verbinden ons met het verleden en de toekomst – denk aan de familiestamboom. Bomen zijn stevig geworteld in de aarde, maar tegelijkertijd reiken ze met hun takken naar de hemel. Ze staan vaak symbool voor groei, kracht en stabiliteit.
Elke boom heeft daarnaast zijn eigen bijzondere eigenschappen. Daarover lees je meer via de onderstaande knoppen.
3. Es (Fraxinus Amer. Autumn purple)
Levenskracht – transformatie – groei
De es is een grote, majestueuze boom met diepe wortels en een asgrijze schors. In Twente groeien veel essen. De naam stamt af van het prehistorische woord voor as, dat symbool staat voor de dood, maar ook voor vruchtbaarheid en een nieuw begin. Het Latijnse woord ‘excelsior’ betekent hoger of verheven. Daarom is de es de boom van levenskracht, transformatie, groei, veerkracht, rouw en troost.
4. Amerikaanse tulpenboom (Liriodendron tulipifera)
Puurheid – schoonheid – vrijheid
De tulpenboom is een van de grootste Amerikaanse bomen en komt uit de magnoliafamilie. Het Latijnse woord ‘lirio’ betekent lelie; ‘dendron’ betekent boom. De oranjegele bloemen van deze boom lijken op tulpen of lelies. Lelies staan al eeuwen symbool voor puurheid en lieflijkheid.
De tulpenboom is vooral geliefd vanwege haar schoonheid. In de vroege zomer vanwege de bloemen, en in de herfst omdat de bladeren dan een mooie goudgele kleur krijgen. In de Verenigde Staten speekt de tulpenboom een belangrijke rol. George Washington, een van de grondleggers van het land, was een groot liefhebber van de boom en plantte er een op zijn landgoed. De tulpenboom staat daar voor symbool vrijheid.
5. Beuk (Fagus sylvatica)
Zorgzaamheid – wijsheid
De beuk is de boom van het delen en zorgen. Het woord beuk is afgeleid van ‘bhag’, dat verdelen of uitdelen betekent in onze vooroudertaal. Dat komt mogelijk door de eetbare beukennootjes die werden gedeeld. Daarnaast staat de beuk voor wijsheid. De beuk is in oude Europese talen de bron geweest voor het woord boek, waarschijnlijk omdat de zilvergrijze bast geschikt was om runen op te schrijven. In Duitsland, waar de beuk een van de meest voorkomende bomensoorten is, is dat nog terug te vinden in de woorden ‘Buch’ (boek) en ‘Buche’ (beuk). Ook een plaatsnaam als Boekelo herinnert aan de beuk.
Beuken houden van schaduw. De beuk komt voor in heel Europa, van Groot-Brittannië tot Rusland en van Scandinavië tot Zuid-Europa.
6. Berk (Betula pendula alba)
Voorloper – helder licht – vernieuwing
De berk is een voorloper: de boom is sterk en kan zich gemakkelijk op nieuwe grond vestigen. Berken zijn echte winterbomen. Op Groenland en IJsland zijn dit zelfs de enige bomen die van nature voorkomen.
Door de witte bast worden berken wel de ‘Vrouwe van het woud’ genoemd. In Scandinavië staan berken symbool voor het licht en de lente. Dat zit ook in de naam, die afstamt van het woord ‘bhereg’, dat schijnen, helder en wit betekent in de taal van onze prehistorische voorouders, de Indo-Europeanen. Namen als Albert, Bertha, Robert en andere namen met ‘bert’ erin zijn hiervan afgeleid.
De berk speelt een grote rol in allerlei sagen en volksgebruiken. Voor de Germanen stond de boom symbool voor zuivering en vernieuwing – het is een van de eerste bomen die blad krijgt na de winter.
7. Linde (Tilia tomentosa ‘Brabant’)
Liefde – zachtaardigheid – rechtvaardigheid
De linde is de boom van de liefde, en komt van oudsher voor in liefdesliederen en -gedichten. De boom met hartvormige bladeren is in de vroege zomer te herkennen aan de gele bloemen die een zoete geur verspreiden.
De linde is al eeuwenlang geliefd. Rondom boerderijen, herbergen en watermolens werden vaak een aantal lindes geplant. De solitaire linde op het dorpsplein was de plek waar recht werd gesproken.
Lindehout is zacht en gemakkelijk te bewerken. De buigzame bast is geschikt voor vlechtwerk. Aan die laatste eigenschap ontleent de linde ook zijn naam. Het woord linde stamt af van ‘lento’, dat flexibel betekent in onze vooroudertaal (het Proto-Indo-Europees). De link tussen die woorden is terug te zien in het Duits: de boom heet daar ‘Linden’, en ‘lind’ betekent meegaand, zachtaardig en teder.
De oudste lindebossen van ons land zijn na de ijstijd in Limburg ontstaan; plaatsnamen als Linne en Limbricht, maar ook het woord Limburg zelf, herinneren daaraan.